- Top kwaliteit tweedehands boeken
- Gratis verzending vanaf €30
- Veilig betalen met iDeal of Paypal
In de meeste tuinen en boomgaarden van het eerste-eeuwse Rome stond een opvallend houten beeld dat dreigend zijn reusachtige rode fallus hief: de god Priapea. Zijn enorme geslacht wijst erop dat hij zorgt voor de vruchtbaarheid van alles wat in de tuin groeit en is tegelijk een afwering van wat de oogst kan bedriegen: het boze oog of vraatzuchtige vogels en menselijke plunderaars. Snel na zijn intrede in de Latijnse literatuur wordt Priapea een object van in het beste geval milde ironie, maar vaker van grove humor en boerse spot. Grote dichters als Vergilius, Horatius en Ovidius schrijven poëzie op de ‘altijd parate’ rode vogelverschrikker en in Petronius’ schelmenroman Satyricon speelt de vloek van Priapea een parodistische hoofdrol.
Deze bundel met tachtig gedichtjes over Priapus is wel het treffendste bewijs van zijn populariteit in de literatuur. Rond het jaar 100 moet een ons onbekende dichter hiermee zijn virtuositeit in het light verse bewezen hebben. Elke zichzelf respecterend Romeins aristocraat schreef bij gelegenheid lichte poëzie niet voor de eeuwigheid, maar om vrienden te amuseren en te bewijzen dat hij deel uitmaakte van de beschaafde maatschappij.
De anonieme dichte van de Priapea is er toch in geslaagd de eeuwen te trotseren, misschien doordat de gedichten ooit, ten onrechte, aan de kuise Vergilius waren toegeschreven. Maar zeker ook vanwege zijn eigen kwaliteiten: in technisch en stilistisch onberispelijk Latijn verwerkt hij de grofste obsceniteiten tot speelse versjes. Het centrale thema, waarop de dichter eindeloos varieert, is het belangrijkste attribuut van Priapus: zijn roede wekt lachlust of pure lust, maar vaak ook ontzag en angst.
Dit is de eerste Nederlandse vertaling van deze gedichtjes, die vooral willen amuseren, maar die ons tevens een onverwachte kijk geven op de seksuele moraal van het antieke Rome.
€14.95
1 op voorraad
Bekijk ook deze eens




